Het SCO-Kohnstamm Instituut is veranderd in
Kohnstamm Instituut
Per oktober 2009 hebben er binnen het Kohnstamm Instituut van de
Universiteit van Amsterdam enkele veranderingen plaatsgevonden. De
belangrijkste verandering is dat het onderzoek dat in opdracht van
derden wordt uitgevoerd, is verzelfstandigd en ondergebracht in een BV
die 100% eigendom is van de Universiteit. Het onderzoek dat niet in
opdracht wordt uitgevoerd (waaronder 2e - geldstroomonderzoek) blijft
binnen de afdeling Pedagogiek en Onderwijskunde van de Universiteit van
Amsterdam. Ook de huidige onderzoekers van het instituut blijven in
dienst van de Universiteit; zij voeren het opdrachtonderzoek in de BV
uit en kunnen daarnaast participeren in het tweede geldstroomonderzoek
binnen de afdeling. De letters SCO (Stichting Centrum voor
Onderwijsonderzoek), die stammen uit een ver verleden, vervallen. U hebt
vanaf oktober te maken met het Kohnstamm Instituut, voluit Kohnstamm
Instituut UvA BV
We vinden het erg prettig om u ook te kunnen melden dat er bij het Kohnstamm Instituut een nieuwe directie is aangetreden. Afgelopen zomer is
mevrouw drs. G. Ledoux benoemd als wetenschappelijk directeur. Guuske Ledoux is al vele jaren een van de belangrijkste senioronderzoekers van
het Instituut. Haar benoeming staat garant voor continuering van onze kwaliteit.
Als algemeen directeur is aangesteld de heer drs. J.E. Kramer. Jan Kramer heeft ruime ervaring opgedaan als algemeen directeur van
IVAM UvA BV. Hij zal de zakelijke kant van het Kohnstamm Instituut behartigen.
U krijgt dus niet te maken met andere onderzoekers, maar wel met een nieuwe directie.
Een laatste mededeling is dat het Kohnstamm Instituut is verhuisd naar een andere locatie op het Roeterseiland.
Het nieuwe bezoekadres is:
Plantage Muidergracht 24, 1018 TV Amsterdam
Het postbusnummer blijft onveranderd:
Postbus 94208, 1090 GE Amsterdam
Het centrale telefoonnummer wordt: 020 - 5251226
Regeling voor ambulante begeleiding bekeken
Hoe oordelen ouders, scholen en REC’s over de regeling voor ambulante begeleiding? Komt de zorg terecht bij de leerlingen die het nodig
hebben? De ingeperkte keuzevrijheid, de zogenoemde gedwongen winkelnering, heeft nadelen. De regeling kan flexibeler worden, zo vinden de
respondenten, zonder dat een duidelijk voordeel, de opgebouwde deskundigheid binnen de REC’s, verloren gaat.
Rapport 829
Peetsma, T.T.D., van Daalen, M.M., m.m.v. Elshof, D.P. (2009).
Keuzevrijheid in ambulante begeleiding; een inventarisatie van de perspectieven van ouders, scholen en REC’s. Amsterdam: Kohnstamm Instituut.
februari 2010
Met een beschikking praktijkonderwijs kom je verder
In 2005 zijn we gestart met het volgen van het cohort leerlingen dat in dat jaar een beschikking Praktijkonderwijs heeft gekregen. Van de
leerlingen die in 2005 een beschikking voor het Praktijkonderwijs kregen, startte 74% in het Praktijkonderwijs, en 22% in het VMBO met LWOO.
Na vier jaar zit minstens 51% nog in het Praktijkonderwijs, en minstens 16% in het VMBO. De onderwijspositie van 27% van de
leerlingen is nog onbekend, deze proberen we in 2010 te achterhalen. Wordt vervolgd …
Rapport 830
Koopman, P.N.J., Derriks, M.F.G., Voncken, M.E.W. (2009). PrO-Loopbanen Vervolg. Amsterdam: Kohnstamm Instituut.
januari 2010
Cohortonderzoek ook in speciaal (basis)onderwijs mogelijk
Om het beleid van Passend Onderwijs te kunnen monitoren zou ook in het speciaal (basis)onderwijs de ontwikkeling van leerlingen gevolgd
moeten worden, liefst vergelijkbaar met het cohortonderzoek in het regulier basisonderwijs (COOL5-18). In deze studie zijn de mogelijkheden
van dergelijk onderzoek verkend.
Geconcludeerd wordt dat er, met de nodige aanpassingen van de toetsen waaraan door Cito reeds wordt gewerkt, voldoende mogelijkheden bestaan
voor cohortonderzoek. Het zal echter veel inspanning kosten om voldoende draagvlak binnen de scholen te verwerven. Gepleit wordt om eerst een
pilot-studie uit te voeren in een beperkt aantal regio’s.
Rapport 827
Jaap Roeleveld, Guuske Ledoux, Wil Oud en Thea Peetsma. Volgen van zorgleerlingen binnen het speciaal onderwijs en het speciaal
basisonderwijs. Verkennende studie in het kader van de evaluatie Passend Onderwijs.
Amsterdam: Kohnstamm Instituut.
januari 2010
Instellen van referentieniveaus voor taal en rekenen in het basisonderwijs problematisch
In het rapport van de Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen (de commissie Meijerink; 2008) wordt gepleit voor het instellen van
referentieniveaus voor taal en rekenen, onder meer aan het eind van het basisonderwijs. De commissie noemt een fundamenteel niveau, dat door
75% van de leerlingen moet worden gehaald en een streefniveau, dat gehaald wordt door 50%.
In dit onderzoek is gepoogd na te gaan waar problemen verwacht kunnen worden als de referentieniveaus landelijk worden ingevoerd. In een
bijdrage van Cito is nagegaan in hoeverre de huidige toetsen uit het leerlingvolgsysteem dekkend zijn voor de domeinen die de cie. Meijerink
onderscheidt. Vervolgens is aan de hand van gegevens uit het PRIMA-cohortonderzoek in kaart gebracht bij welke groepen leerlingen en bij
welke type scholen het behalen van verschillende referentieniveaus problematisch kan zijn.
Het is niet verrassend dat dat vooral bij achterstandsleerlingen en bij zorgleerlingen het geval blijkt te zijn. Ook op scholen met veel van
zulke leerlingen zal beduidend minder dan de beoogde 50%, resp. 75% de referentieniveaus behalen.
Rapport 825
Jaap Roeleveld en Anton Béguin (Cito) (2009). Normering referentieniveaus in het basisonderwijs. Amsterdam: Kohnstamm Instituut.
januari 2010
Paboysonderzoek van het Kohnstamm Instituut gepresenteerd aan staatssecretaris van Bijsterveldt
Op 28 oktober ontving Marja van Bijsterveldt, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, uit handen van Luus Veeken
(plv. directeur van het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt) de publicatie ‘Meer jongens op de pabo. Kansrijke aanpakken geïnventariseerd’.
Deze publicatie uit de Praxisreeks van SBO is gebaseerd op twee onderzoeken die door Edith van Eck en Irma Heemskerk van het Kohnstamm
Instituut zijn verricht:
- Paboys gezocht. Wat maakt de pabo en het werken op de basisschool aantrekkelijker voor mannen (2004) en
- Paboys gevonden? Een evaluatie van de pilot ‘paboys’; aanpak, werkwijze en opbrengsten (2009).
november 2009
Onderwijsachterstandenbeleid doorgelicht
De overheid besteedt veel middelen aan het onderwijsachterstandenbeleid. Daarom heeft het Ministerie van OCW een zogenoemde
‘beleidsdoorlichting’ laten uitvoeren naar dit beleid. In een beleidsdoorlichting wordt een analyse gemaakt van de doelstellingen van het
beleid, de instrumenten die worden ingezet, de doelmatigheid en de effectiviteit. Voor het onderwijsachterstandenbeleid is nu gekeken naar
vier centrale onderwerpen uit de beleidsperiode 2002-2008: de gewichtenregeling, de voor- en vroegschoolse educatie, de schakelklassen en
het sturingsmodel.
Op sommige punten is er twijfel over de doelmatigheid. De gewichtenregeling heeft de beschikbare middelen meer versnipperd. De veranderingen
in het sturingsmodel maken het minder zeker dat het vve-beleid nog goed wordt uitgevoerd en dat de toegekende middelen ook echt worden
besteed aan bestrijding van achterstanden. De schakelklassen blijken succesvol, maar bereiken niet een grote groep kinderen.
Een algemene conclusie is dat het onderwijsachterstandenbeleid onderhevig is aan voortdurende veranderingen, die onder meer worden
veroorzaakt door het feit dat bewindslieden van verschillende politieke kleur er hun eigen stempel op willen zetten. Voor het onderwijsveld
betekent dat onrust en steeds weer heroriënteren.
Rapportage (pdf gehele rapport)
Rapportage (pdf nabeschouwing)
november 2009
Paboys gevonden?
Een zestal pabo’s heeft maatregelen ingezet om meer mannelijke studenten te werven en voortijdig vertrek tegen te gaan. Ze hebben de
werving, het onderwijsaanbod, de studieomgeving en de relatie theorie en praktijk onder de loep genomen. Het Kohnstamm
Instituut onderzocht
de pilots.
lees verder
Amsterdamse ouders en leraren waarderen huisbezoeken
Is het nuttig als Amsterdamse leerlingen in het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs huisbezoek krijgen van hun leraren? Ja, ouders en
leraren blijken dat nuttig te vinden. En de leerlingen vinden het leuk. De school krijgt voor de ouders een gezicht, en de thuissituatie van
de leerling gaat leven voor de school. Subsidie van de gemeente is een stimulerende factor, want een huisbezoek kost tijd. Ook moet het
huisbezoek ingebed worden in het ruimere schoolbeleid ter bevordering van het contact tussen ouders en school.
samenvatting downloaden (pdf)
Leerkrachten zijn niet consequent en hun leerlingen hebben daar weinig moeite mee
Wat is het pedagogische effect op leerlingen als leerkrachten op basisscholen ‘niet consequent’ handelen? ‘Niet consequent’ in de zin dat
een leerkracht verschillend handelt naar verschillende leerlingen, van dag tot dag anders omgaat met leerlingen of in de zin dat
verschillende leerkrachten verschillend handelen.
Uit onderzoek onder leerlingen en leerkrachten in het basisonderwijs komt duidelijk naar voren dat leerkrachten niet consequent zijn - zij
verschillen van elkaar en zij maken verschil tussen leerlingen - en dat hun leerlingen daar in het algemeen geen enkele moeite mee hebben. Ze
vinden het soms juist prettig.
samenvatting downloaden (pdf)
Basisscholen pakken pesten vaker aan met methoden of programma’s
Ondanks alle aandacht en beschikbare hulpmiddelen, krijgt de Nederlandse Katholieke Vereniging van Ouders (NKO) van ouders en van scholen
signalen dat het omgaan met pesten op scholen nog steeds een belangrijk probleem is. In een door NKO gevraagd kortlopend onderwijsonderzoek
is nagegaan wat de huidige situatie op basisscholen op dit moment is.
Schooldirecteuren blijken behoorlijk tevreden over de maatregelen die op hun school worden genomen om pesten aan te pakken. 80% van de
directeuren vindt de eigen aanpak effectief of zeer effectief. Opvallend is het grote aantal methoden en programma’s die hierbij worden
genoemd.
samenvatting downloaden (pdf)
Verschenen
Methoden van beleidsonderzoekers: creatief en oplossingsgericht
Over methoden van beleidsonderzoek, waaronder evaluatieonderzoek, zijn heel wat goede boeken geschreven. Wat hieraan nog ontbrak, is een
boek dat is geschreven vanuit de dagelijkse praktijk van professionele beleidsonderzoekers. Een boek door beleidsonderzoekers voor
beleidsonderzoekers en voor beleidsmedewerkers die in hun praktijk te maken hebben met beleidsonderzoek.
Met bijdragen van SCO-Konnstammonderzoekers: Judith Schoonenboom, Edith van Eck, Marjan Glaudé en Fred Verbeek.
lees verder
Pedagogische relatie belangrijk voor talentherkenning en talentontwikkeling
Tijd en ruimte voor het opbouwen van een pedagogische relatie tussen docenten en leerlingen behoort tot de belangrijkste voorwaarden om
talenten van leerlingen in het voortgezet onderwijs te herkennen en talentontplooiing te ondersteunen. In een inventarisend onderzoek in
opdracht van het Ministerie van OCW is een nadere begripsanalyse gedaan naar het begrip talent. Verder zijn instrumenten in kaart gebracht
die mogelijk ingezet kunnen worden bij talentherkenning. Docenten in het voortgezet onderwijs dienen over voldoende kennis en verschillende
vaardigheden te beschikken om talentontplooiing maximaal mogelijk te maken. Maar vooral het scheppen van voorwaarden in de organisatie van
het voortgezet onderwijs is noodzakelijk wil er maatwerk voor latent talent op elk niveau kunnen worden geboden.
lees verder
pdf downloaden
Intensieve aandacht voor taal in schakelklassen effectief
Intensieve aandacht voor taal kleine groepjes werpt zijn vruchten af, op welke niveau van de basisschool je dit ook inzet. Dit blijkt uit
onderzoek naar de effectiviteit van schakelklassen dat onderzoekers van het Kohnstamm Instituut en het ITS hebben uitgevoerd.
lees verder
pdf downloaden
Onderzoek naar de rol van het onderwijs in een veranderende samenleving
De samenleving verandert in rap tempo, en scholen en schoolsystemen moeten daarop inspelen. Hoe gebeurt dat? En wat is de rol van
beleidsmakers, ouders, het bedrijfsleven, docenten en leerlingen daarbij? Het internationale onderzoeksproject GOETE moet antwoorden geven
op die vragen. Het Kohnstamm Instituut is een van de zeven deelnemende instituten aan het project, dat wordt gefinancierd door de
Europese Commissie.
lees verder
Tweetalig schrijfonderwijs in het vwo heeft effect
Een goede schrijfvaardigheid in het Engels is van groot belang bij leerlingen die het Internationale Baccalaureate willen behalen. Hoe
leren ze vloeiend schrijven in het Engels en tegelijkertijd hun teksten goed te structureren? SCO-Kohnstamm-onderzoekers Amos van Gelderen en
Ron Oostdam experimenteerden met verschillende lesmethoden bij 147 leerlingen van het tweetalige vwo. Het blijkt dat de schrijflessen over
het algemeen leiden tot verbetering van de schrijfvaardigheid. Van specifieke vormen van training en instructie, waarmee de onderzoekers
experimenteerden, is het effect echter (nog) niet aangetoond.
lees verder
Verkenning leerwinst als indicator voor onderwijskwaliteit
Gaat de kwaliteit van het Nederlandse (basis)onderwijs nu eigenlijk voor- of achteruit? En hoe zou je dat nu moeten meten? Hoe moet er
bij de bepaling van de kwaliteit van scholen rekening worden gehouden met verschillen in leerlingpubliek? Zulke vragen komen aan de orde in
een verkennend onderzoek naar gebruik van “leerwinst” als indicator voor onderwijskwaliteit.
samenvatting downloaden (pdf)
Kwaliteit kinderdagverblijven verder onder druk
De kwaliteit van de opvang in Nederlandse kinderdagverblijven is opnieuw gedaald, zo blijkt uit een landelijke meting van het Nederlands
Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO) o.l.v. prof. Louis Tavecchio en prof. Marianne Riksen-Walraven. Het NCKO, een samenwerkingsverband
van de Universiteit van Amsterdam en de Radboud Universiteit Nijmegen, constateert vooral in achteruitgang op twee gebieden, namelijk
‘Ruimte/meubilering' (meubilering, inrichting en aankleding van de ruimte) en ‘Interacties' (de omgang tussen pedagogisch medewerkers en
kinderen).
lees verder
Thuisonderwijzers wijzen sanctionerend toezicht af
In Nederland bezochten in het schooljaar 2006-2007 235 kinderen leerplichtige kinderen geen school. Hun ouders dienden voor hen een
zogeheten geldig richtingbezwaar in. Verreweg de meeste kinderen van deze groep krijgen thuisonderwijs. Dat blijkt uit een onderzoek dat
Henk Blok en Sjoerd Karsten uitvoerden in opdracht van Onderwijs-staatssecretaris Sharon Dijksma.
lees verder
Sjoerd Karsten in de Wetenschappelijke Commissie Wijkaanpak
SCO-Kohnstammer Sjoerd Karsten maakt sinds vorige maand deel uit van de Wetenschappelijke Commissie Wijkaanpak. Deze commissie, een
initiatief van minister voor Wonen, Wijken en Integratie, krijgt tot taak het onderzoek op het gebied van de Krachtwijken te beoordelen.
Zowel de minister als gemeentes laten met enige regelmaat studies uitvoeren in het kader van het Krachtwijkenbeleid. De Wetenschappelijke
Commissie Wijkaanpak beoordeelt het onderzoek op methodisch-technische opzet, kwaliteit van de uitvoering en het beleidsrendement.
Werkzaamheden Orthoteam verschuiven; meer aandacht voor preventie en structurele verbeteringen
In 2001 is door het PCOOA/SSCS-bestuur (AMOS) een Orthoteam, bestaande uit zeven orthopedagogen, aangesteld om samen met de basisscholen
de kwaliteit van het zorgsysteem te verbeteren. Omgaan met verschillen staat daarin centraal. Op basis van de eerste ervaringen zijn de taken
van het Orthoteam verder uitgekristalliseerd en zijn de taken van het Orthoteam, de intern begeleider en schoolleider duidelijker afgebakend.
Het ondersteunen van leraren bij het omgaan met individuele zorgleerlingen (leerlingen met leerproblemen, gedragsproblemen,
werkhoudingsproblemen) blijft een kerntaak van het Orthoteam. Vergeleken met de beginperiode is er echter meer aandacht voor activiteiten die
zich richten op het hele team/de hele school en een bijdrage kunnen leveren aan preventie en structurele verbeteringen. Zowel de
orthopedagogen als de scholen zijn tevreden met deze ontwikkeling.
samenvatting downloaden (pdf)
Het programma ‘Waarden en normen in interculturele context’ bevordert burgerschapsvaardigheden
Het bevorderen van actief burgerschap en sociale integratie zijn sinds 2005 opgenomen in de kerndoelen voor het basisonderwijs. De
Stichting G.E.Lessing had al enkele jaren eerder het initiatief genomen om een programma te ontwikkelen dat expliciet aandacht besteedt aan
het leren omgaan met culturele diversiteit: ‘Waarden en normen in interculturele context.’ SCO-rapport 814 betreft een eerste evaluatie van
het programma: zijn er bij de leerlingen die het pilotprogramma hebben gevolgd effecten zichtbaar op hun burgerschapsvaardigheden?
De leerlingen die aan het programma hebben deelgenomen doen het met name beter op de sociale taak ‘omgaan met verschillen’, en in de
component ‘reflectie’, voor alle vier de sociale taken: democratisch en maatschappelijk verantwoord handelen, omgaan met conflicten en
verschillen.
samenvatting downloaden (pdf)
Data driven teaching staat nog in de kinderschoenen; toetsgegevens nog weinig gebruikt om de effectiviteit van het onderwijs op groepsniveau vast te stellen en te verbeteren
Verbetering van de taal- en rekenprestaties van leerlingen is een kernambitie in de beleidsagenda voor het primair onderwijs van het
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Een van de manieren om deze ambitie te realiseren is de invoering van data driven teaching.
Meetgestuurd onderwijs is in potentie een krachtig middel om leraren en schoolleiders bewuster en doelgerichter met verbetering van
leerprestaties bezig te laten zijn. Maar wanneer het bij meten en analyseren alleen blijft, wordt het onderwijs niet beter. Uiteindelijk moet
de focus liggen op verbeteringen van het onderwijs in de klas, zoals meer leertijd, betere instructie, meer en betere feedback aan
leerlingen, hoge eisen stellen, aandacht voor leerstrategieën.
samenvatting downloaden (pdf)
Mentoring en tutoring van en door basisschoolleerlingen is leuk en leerzaam
Op de Jenaplanschool Antonius Abt uit Engelen werkt men met het principe van ‘Maatjes’. Een kind uit de bovenbouw wordt aan het begin van
het schooljaar gekoppeld aan een ‘nieuw’ kind uit de onderbouw. De rol van het oudere maatje is divers en zowel gericht op het wegwijs maken
en begeleiden van nieuwe kinderen in de school, als op het helpen met moeilijke activiteiten. Een jonger kind heeft binnen de school dus
altijd een ouder kind dat zich over hem of haar ontfermt. De school is heel tevreden over de eigen ‘maatjes’aanpak en de wijze waarop het in
de dagelijkse praktijk wordt uitgevoerd, maar wil graag een beter en systematischer inzicht in de mogelijkheden die het principe biedt.
samenvatting downloaden (pdf)
Ervaringen met Opleiden in de school stemmen hoopvol
De Amsterdamse Dieptepilot OGO-opleidingsschool is opgezet om het concept 'Opleiden in de School' uit te werken en daar ervaring mee op te
doen. De centrale gedachte is dat studenten van lerarenopleidingen in veel sterkere mate dan voorheen moeten leren op de werkplek (de school)
en dat hun opleiding zich dus in belangrijke mate daar moet afspelen. Dat stelt nieuwe eisen aan de scholen, die er een expliciete(re)
opleidingstaak bij krijgen, aan het opleidingsinstituut (de Pabo) en aan de samenwerking tussen beide.
Het onderzoek had als doel de voortgang van het project in kaart te brengen en procedures en instrumenten te ontwikkelen waarmee de effecten
van Opleiden in de School op de studenten, de opleidingen en de deelnemende scholen geëvalueerd kunnen worden.
samenvatting downloaden (pdf)
Onderzoek naar de effecten van begeleid hardop lezen
OnderwijsBewijs: Vergroot ’Begeleid hardop lezen’ de leesvaardigheid van zwakke lezers?

Ron Oostdam (l.) en Henk Blok (Kohnstamm Instituut en Lectoraat Maatwerk Primair van Pabo Almere) starten een onderzoek naar begeleid hardop lezen. Een aantal Almeerse scholen past de methode al toe en is er enthousiast over, maar de resultaten zijn nooit goed geëvalueerd.
Het onderzoek wordt gefinancierd door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), dat de prijsvraag ‘OnderwijsBewijs' uitschreef voor onderzoeksvoorstellen op het gebied van evidence-based onderwijsvernieuwing.
lees verder
Doorgaande lijn voor- en vroegschoolse educatie. Onderzoek ten behoeve van het EC03
De 'knip' in het vve-beleid heeft gevolgen voor de kwaliteit van vve in de kleutergroepen, o.a. omdat de
'dubbele bezetting' in gevaar komt.
Op sturingsniveau is een wijziging doorgevoerd in het onderwijsachterstandenbeleid, met gevolgen voor het vve-beleid. Voorheen waren
gemeenten verantwoordelijk voor het hele vve-beleid; sinds 2006 voeren gemeenten alleen nog de regie over de voorschoolse periode en zijn
de schoolbesturen verantwoordelijk voor het vroegschoolse deel (het kleuteronderwijs). Continueren de schoolbesturen na de zogenoemde
'knip' het vve-beleid, of stellen zij andere prioriteiten voor besteding van de middelen die zij van het rijk ontvangen voor bestrijding
van onderwijsachterstanden?
Deze vraag werd onderzocht ten behoeve van het ECO3, het Expertisecentrum Ontwikkeling, Opvang en Onderwijs voor 0-12 jarigen. Er blijken
verschillende knelpunten te bestaan.
lees verder
Bewuster kiezen voor het leraarsvak
Leerlingen van het voortgezet onderwijs vragen zich vaak onvoldoende af of de keuze voor het leraarsvak wel aansluit bij hun
identiteit, wensen en toekomstplannen. Ook wegen ze de baanzekerheid van het beroep nauwelijks mee. Het vak alvast in de praktijk ervaren
ondersteunt hen in het maken van een bewuste keuze. Dit blijkt uit het onderzoek ‘Leraar worden; kiezen voor opleiding en beroep’ van het
Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt (SBO) uit Den Haag. In het licht van de lerarentekorten wilde het SBO weten hoe je meer leerlingen
warm maakt voor de lerarenopleidingen en voortijdige studie-uitval voorkomt. Het Kohnstamm Instituut voerde de studie uit.
lees verder
Aan welke criteria moet Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) eigenlijk voldoen?
En kan een Montessorischool ook VVE aanbieden?
Een kleinschalig onderzoek naar deze vragen is in 2008 afgerond. Het resultaat is nu beschikbaar in de vorm van een kant-en-klaar
bruikbare checklist. Hierin is een groot aantal criteria geordend in rubrieken, die worden verantwoord in een beknopte theoretische
toelichting. De checklist kan een rol spelen in het zorgen voor en borgen van kwaliteit van VVE.
rapport per mail bestellen (€ 10,- ex. verzendkosten)
pdf downloaden
Onderzoek naar effecten van VVE geeft wisselend beeld
Onlangs verscheen de rapportage van een onderzoek naar ‘de effectiviteit van
VVE en peuterspeelzalen in Oosterhout en Den Bosch’ (rapport
en
managementsamenvatting). Dit onderzoek heeft de nodige stof doen opwaaien,
zie bijvoorbeeld het maartnummer van Didaktief waarin een artikel aan het
onderzoek wordt gewijd onder de kop: VVE werkt niet in Oosterhout. Inderdaad
wordt in dat onderzoek een aantal negatieve samenhangen gerapporteerd.
lees verder
| Kohnstammlezing Het Spoor Bijster door Frank Furedi Hoe vorming het onderwijs beheersen gaat Ieder jaar vindt de Kohnstammlezing plaats, aan alle belangstellenden gratis aangeboden door het Amsterdams Instituut voor Onderwijs en Opvoeding in de Aula van de Oude Lutherse Kerk in Amsterdam. De lezing sluit aan op het werk van Philip Kohnstamm, en is uniek in haar soort: op het grensvlak van het maatschappelijk debat, het wetenschappelijk onderzoek en de praktijk van onderwijs en opvoeding. De lezing wordt gepubliceerd in een speciale reeks, uitgegeven door de Vossiuspers UvA Amsterdam. Bezoekers ontvangen het boekje gratis. Datum: vrijdag 27 maart 2009 om 15.00 uur |
![]() |
![]() |
Kohnstamm Instituut steunt onderwijsbouwproject in Malawi In veel Afrikaanse landen maken grote afstanden en slechte wegen het verspreiden van onderwijs tot een lastige opgave. Jongeren in dunbevolkte gebieden krijgen zelden de kans om elders in het land een opleiding te volgen. Daarom is het belangrijk dat scholen hun leerlingen, naast onderwijs, óók onderdak kunnen bieden. Het Kohnstamm Instituut sponsort een onderwijsbouwproject van ontwikkelingsorganisatie Edukans. |
Subsidie als stimulans voor vernieuwing en leren van en met elkaar
Het Platform Kwaliteit en Innovatie Primair Onderwijs - nu opgenomen in de PO Raad - had de afgelopen jaren tot doel een nieuwe
infrastructuur te creëren om zo te zorgen voor samenhang in het bieden van steun en informatie aan het onderwijsveld op het gebied van
innoveren. De drie onderscheiden strategieën voor de bevordering van innovatie zijn door het SCO-KI onderzocht. Uit het onderzoek bleek
onder meer dat veel scholen vanuit zichzelf bezig zijn met vernieuwen. Vaak is een sterkte/zwakte analyse de aanleiding voor vernieuwing,
maar ook externe impulsen of wensen van leerkrachten kunnen een vernieuwing in gang zetten. Wat zijn de condities voor succesvol
vernieuwen? Helpt (subsidie voor) leren met elkaar, of met experts daarbij? Op dit soort vragen geeft het rapport Innovatiemonitor Primair
Onderwijs antwoord.
Yolande Emmelot, Guuske Ledoux, & Ineke van der Veen. Innovatiemonitor Primair Onderwijs. SCO-rapport 807
pdf downloaden
De eerste masteropleidingen voor excellente docenten zijn begonnen
‘Van vakmanschap naar meesterschap in het voortgezet onderwijs’
Op 5 februari zijn de eerste opleidingsgroepen van de nieuwe Masters in Educatie van start gegaan. Twintig gemotiveerde VO-docenten
beten het spits af van de tweejarige postinitiële masterprogramma’s van Educatief Meesterschap Amsterdam. Hun missie: nog betere docenten
worden en een impuls geven aan de kwaliteit van het Nederlandse onderwijs.
lees verder (pdf)
Jo Hermanns benoemd tot bijzonder hoogleraar op de Kohnstammleerstoel
Dhr. prof. dr. J.M.A. Hermanns is per 1 januari 2009 benoemd tot bijzonder hoogleraar op de Kohnstammleerstoel aan de Faculteit der
Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam (UvA). De leerstoel is ingesteld vanwege de Vereniging tot
Bevordering van de Studie der Pedagogiek (VBSP).
lees
verder
| Ron Oostdam naast onderzoeker Kohnstamm Instituut nu ook lector bij de Pabo Almere Ron Oostdam is per 1 november 2008 in deeltijd benoemd tot lector Maatwerk Primair bij Pabo Almere. Pabo Almere is een samenwerkingsverband van de Hogeschool van Amsterdam en de Ipabo Alkmaar/Amsterdam. Het lectoraat en de kenniskring houden zich bezig met het verbeteren van de kwaliteit van het primair onderwijs vanuit het uitgangspunt dat het onderwijs moet aansluiten bij de behoeften en capaciteiten van individuele leerlingen. |
![]() |
| Dag van de Inhoud
2008 onderzoek van het Kohnstamm Instituut in vogelvlucht In juni vond onze jaarlijkse Dag van de Inhoud plaats, een dag waarop de onderzoekers van de afdeling Pedagogische en Onderwijskundige Wetenschappen hun onderzoek aan elkaar presenteren. Voor die dag is recent contractonderzoek van de afdeling op negentig posters samengevat. Voor geïnteresseerden hebben we deze posters toegankelijk gemaakt via deze website. |
![]() |
Vernieuwen zonder blauwdruk veronderstelt nieuwe rollen en nieuwe competenties van betrokkenen
Eind 2001 startte het Netwerkproject Onderbouwontwikkeling, een netwerk van 36 scholen die wilden gaan werken aan veranderingen in het
onderbouwprogramma en gemotiveerd waren om dat in gezamenlijk verband te doen. Ze herkenden zich in de uitgangspunten voor het project:
‘geen blauwdruk maar ruimte voor scholen’, ‘integrale ontwikkeling’ en ‘experts zitten in de scholen en kunnen van elkaar leren’. Wat heeft
deze aanpak opgeleverd en hoe kijken de sleutelpersonen rondom dit project terug op de strategie van vernieuwing van onderop en leren van
elkaar?
samenvatting downloaden (pdf)
Afgestudeerden van de startersopleiding tot wetgevingsjurist blijken goed toegerust voor hun werk
In 2001 is aan de Academie voor Wetgeving (AvW) de tweejarige opleiding tot wetgevingsjurist van start gegaan,
de zogenoemde. startersopleiding. Deze opleiding staat open voor juristen die net zijn afgestudeerd aan een juridische faculteit of
een korte werkervaring hebben. ‘Wat is de toegevoegde waarde van de opleiding?’ was de vraag die de Academie beantwoord wilde zien.
samenvatting downloaden (pdf)
Ontwikkelde aanpak motivatieproblemen in vmbo blijkt effectief
Motivatie voor school en vooral gebrek daaraan staat veel in de aandacht. Dit betreft vooral motivatieproblemen in het vmbo. In een
onderzoek naar de ontwikkeling van de motivatie van leerlingen hebben we daarom een interventie ontwikkeld om de motivatie van leerlingen
te versterken. De resultaten van deze interventie waren veelbelovend. Nu er ook in dit tweede onderzoek een positief effect op de
motivatie van leerlingen werd gevonden, lijkt een overdracht van de interventie aan het onderwijs een goede volgende stap.
samenvatting downloaden (pdf)
Bestrijding van verzuim en voortijdig schoolverlaten vraagt om breed gedragen beleid.
‘Van College van Bestuur tot deelnemer, van leerplicht(plus)ambtenaar tot onderwijshulpverlener, iedereen heeft daarin een rol.’
Verzuim en voortijdig schoolverlaten zijn hardnekkige verschijnselen. Ondanks inzet van vele partijen blijft het voortijdig
schoolverlaten onacceptabel hoog. Op verschillende locaties in Amsterdam zijn pilots gestart. Eén daarvan is de zogenoemde 100% actie, een
initiatief van de gemeente Amsterdam, de beide ROC’s en Bureau Jeugdzorg Amsterdam (BJAA) met als inzet een situatie ‘zonder ongeoorloofd
verzuim en met een optimale zorgstructuur’ op twee ROC-locaties. Het Kohnstamm Instituut heeft, samen met het Max Goote Kenniscentrum,
deze pilots geëvalueerd.
samenvatting downloaden (pdf)
Divers vormgegeven schakelklassen blijken nuttig instrument voor achterstandenbestrijding
Sinds 2005 worden door het ministerie van OCW middelen beschikbaar gesteld aan gemeenten om schakelklassen in te richten. In het
schooljaar 2005-2006 is door ruim 20 pilot-gemeenten geëxperimenteerd met verschillende, door de gemeenten zelf voorgestelde
schakelklasvarianten. Jaarlijks wordt onderzoek gedaan naar de implementatie van de schakelklassen en de effecten ervan.
Dit rapport betreft de implementatie van Amsterdamse schakelklassen in 2006/2007 en de ervaringen van direct betrokkenen hiermee. Steeds
wordt een vergelijking gemaakt met de drie andere grote steden (G3: Rotterdam, Den Haag en Utrecht) en met overig Nederland.
lees verder
SHIT-project van Ruben Fukkink van het Kohnstamm Instituut in het nieuws
Trouw: Twee Utrechtse scholieren bedenken chat-project.
Jongeren blijken goed in staat leeftijdsgenoten met sociaal-emotionele problemen te helpen. In het project SHare In Trust krijgen ze
training van professionele coaches.
lees
verder
Beleidvoerend vermogen; een kwestie van geven en nemen
De laatste jaren zijn voor het basisonderwijs enkele beleidsmaatregelen doorgevoerd die grotere beleidsvrijheid aan scholen geven, te
weten de invoering van de lumpsumbekostiging, de invoering van de vraagfinanciering voor de schoolbegeleiding en het verleggen van de regie
over het onder-wijsachterstandenbeleid van gemeenten naar schoolbesturen. De veronderstelling achter dit beleid is dat scholen en
schoolbesturen ook in staat zijn om zelf beleid te ontwikkelen en uit te voeren. Dat houdt in: gerichte keuzes maken, zelf de
verantwoordelijkheid voor die keuzes nemen en daarbij planmatig, integraal en strategisch denken en handelen. Dit vraagt nieuwe
competenties en een nieuwe attitude, samengevat in de term beleidvoerend vermogen. De centrale vraag in dit onderzoek was in hoeverre
scholen en besturen daarover feitelijk al beschikken.
lees
verder
samenvatting
Onbevoegd lesgeven is vooral een noodoplossing
In de onderbouw van het voortgezet onderwijs wordt nogal eens onbevoegd
lesgegeven. In samenwerking met het ITS-Nijmegen is, in het kader van het
Kortlopend Onderwijsonderzoek, onderzocht hoe vaak onbevoegd lesgeven voorkomt,
welke problemen zich hierbij voordoen, en welke oplossingen scholen ervoor
bedenken. Uit de twee delen van het onderzoek blijkt dat docenten en
leidinggevenden hechten aan bevoegdheid en dat inzet van onbevoegden vooral uit
nood gebeurt.
samenvatting downloaden
rapport downloaden
deelrapport gevalsstudies downloaden
deelrapport survey downloaden



